Jaarverslag Beheer Advies Commissie

De Beheer Advies Commissie adviseert de directie gevraagd en ongevraagd over beleidsnota’s, beheervisies, evaluaties en over ingrijpende projecten en restauraties. Daarnaast biedt de commissie toegang tot een omvangrijk wetenschappelijk netwerk en levert informatie over onderzoek en publicaties die voor het werk van GLK relevant kan zijn. De commissie komt daartoe jaarlijks een aantal malen in vergadering bijeen, waaraan meestal ook een terreinbezoek is gekoppeld. Over meer specialistische zaken is er ook bilateraal contact tussen de individuele leden en GLK.

De Beheer Advies Commissie (BAC) kwam in 2017 drie keer bijeen.

In april werd tijdens de vergadering in de werkschuur te Wekerom de stand van zaken rond de kerncollectiebenadering en de beheervisies voor onze terreinen besproken. De BAC werd geïnformeerd over het conceptuele kader achter de kerncollectiebenadering. De kerncollectie inventariseert en beschrijft waarvoor GLK een bijzondere verantwoordelijkheid heeft. De in de GLK-terreinen aanwezige natuur-, cultuurhistorische en landschappelijke waarden worden hierbij aan de hand van objectieve internationale, nationale, regionale en lokale criteria op hun betekenis voor GLK beoordeeld.

Als antwoord op vragen van de BAC werd verduidelijkt dat lokaal belang zwaarder kan wegen dan internationaal belang en dat dit in voorkomende gevallen in de beheervisies nadrukkelijk wordt toegelicht. Vanuit de BAC werd aandacht gevraagd voor het belang van kwetsbaarheid. Kwetsbaarheid wordt meegewogen bij de beheervisies. Daarnaast werd gesignaleerd dat er ook aandacht aan zaken als grootte en mate van versnippering van de terreinen zou moeten worden gegeven, aan biodiversiteit op het niveau van levensgemeenschappen en binnen de soorten en aan processen en patronen binnen en buiten de terreinen. De hoop / verwachting is dat aan dit soorten aspecten mettertijd, met ingang van 2018, aandacht gegeven gaat worden binnen de kerncollectiebenadering. 

Vervolgens werd de rol van de BAC bij de totstandkoming van de beheervisies besproken. GLK selecteert terreinen waarbij de betrokkenheid van de BAC nadrukkelijk gewenst is. BAC-leden geven vanuit hun deskundigheid aan bij welke terreinen zij betrokken willen zijn en worden uitgenodigd bij de tweede bijeenkomst van het visietraject. Bovendien worden ter informatie alle conceptvisies naar de BAC-leden gestuurd en kunnen deze hier, indien gewenst, binnen twee weken op reageren.

Betreffende het bosbeleid werd vanuit de BAC aandacht gevraagd voor het ondergrondse erfgoed.

Tijdens deze vergadering wordt voorgesteld om ter opvolging van mevrouw drs. K. Schaffers de heer prof.dr. Johan B.H. de Haan te verzoeken lid te worden van de BAC.

De vergadering werd gevolgd door een excursie over het Wekeromse Zand. Remco Oosterkamp en Wim Geraedts lieten hier zien hoe gebruik van de kerncollectiebenadering in de praktijk functioneert.

Voornaamste thema tijdens de juni vergadering was de strategiebepaling van GLK ten opzichte van de klimaatverandering. Daarnaast werd het ontwerp ‘Folly’ Koningsberg gepresenteerd.

Gerrit Pleijter, projectleider bij GLK, gaf een toelichting op de herinrichting van park Rosendael. De padenstructuur in het park is hersteld op basis van het oorspronkelijke ontwerp van Wattez. Belangrijk onderdeel van het project was het herstel van de Koningsberg. Ruud-Jan Kokke heeft een ontwerp gemaakt voor het kunstwerk bovenop de Koningsberg. Hij presenteerde zijn visie en gaf aan dat hij geprobeerd heeft de relatie met de omgeving te behouden en te versterken.

Naar aanleiding van het ontwerp ontstond enige discussie binnen de BAC. Bij de beoordeling van het kunstwerk speelt, zoals bij elke kunstuiting, de smaak een grote rol. Bij het kunstwerk voor de Koningsberg zijn o.a. vragen als ‘past een wat abstracter kunstobject op deze plek?’ en ‘past het binnen het park als geheel?’ van belang. GLK gebruikt ook hier de vanuit de BAC ontvangen feedback in het vervolgtraject. Ook de omgeving zal nog nadrukkelijk in het proces worden betrokken.

De notitie ‘Betekenis van klimaatverandering voor het bezit van GLK’, die vooral gaat over wat GLK zelf kan doen, werd na een toelichting van Theo Meeuwissen door de BAC besproken. Voorgesteld werd om bij elke beheervisie na te gaan in hoeverre het betreffende gebied klimaatgevoelig is en of en welke gevolgen dit heeft voor beheerkeuzen. Op de vraag of GLK naar een klimaatneutrale bedrijfsvoering streeft is het antwoord: er zijn volop voorbeelden en subdoelen op dit vlak, zoals het bouwen van klimaatneutrale werkschuren en vakantiewoningen, daar waar mogelijk het plaatsen van zonnepanelen, het overschakelen op elektrische voertuigen, etc. Totale klimaatneutraliteit is daarom nog niet binnen bereik, maar GLK gaat wel flinke stappen zetten. Zo doet GLK ook mee in de discussie over windenergie en zonne-energie en probeert daar waar mogelijk mee te werken aan initiatieven.

De noodzaak van voldoende monitoring van de kwetsbaarheid van terreinen voor klimaatverandering werd besproken. Er wordt regelmatig gemonitord en er is een hydromeetnet. Dit meetnet moet wel worden geactualiseerd en wordt deels overgenomen door de provincie. Op een aantal punten is de monitoring te beperkt en ontbreekt een goed inzicht in het hydrologisch systeem. GLK zoekt samenwerking met o.a. waterschappen en drinkwaterbedrijven om landschapsecologische systeemanalyses te doen en zo de kennislacunes op te vullen.

Op de opmerking vanuit de BAC dat de in de notitie genoemde maatregelen te weinig specifiek zijn is het antwoord dat meer concrete maatregelen in de beheervisies worden benoemd. 

Na de vergadering volgde een excursie door kasteel Rosendael waarbij de conservator van GLK, Marieke Knuijt, een toelichting gaf over het gevoerde klimaatbeheer in de kastelen.

Tijdens de september vergadering werden de voortgang van de beheervisies en de nieuwe werkwijze van de evaluaties besproken. 

Naar aanleiding van de notitie over de voortgang van de beheervisies stelde de BAC de vraag of er wel voldoende aandacht wordt gegeven aan de inhoud en of de procedure niet te gehaast plaatsvindt.

De urgentie is een reactie op eisen van de SNL-audit. Voor 31 december 2017 moeten er 20 beheervisies vernieuwd zijn en 20 visies geactualiseerd. Dit resulteert in het strakke schema en de gekozen benadering. Tegelijkertijd grijpt GLK deze eis vanuit SNL-certificering aan om ook de gehele kwaliteitscyclus te verbeteren.

De BAC wordt intensief betrokken bij inhoud van de evaluaties en beheervisies. Een aantal leden van de BAC die al aan een visiebijeenkomst hadden deelgenomen gaven aan dat zij een waardevolle bijdrage konden leveren.

Het voorstel voor een nieuwe werkwijze voor de evaluaties werd besproken en vervolgens na een aantal inhoudelijke opmerkingen door de BAC goedgekeurd.

Een introductie over de visie voor Hoekelum volgens de nieuwe aanpak werd gevolgd door een excursie over het terrein onder leiding van Gerard Jonkers en Renske Terhürne. Op Hoekelum bevindt zich een collectie van voorwerpen, schilderijen en portretten, die de geschiedenis van het huis illustreren. Deze collectie is destijds geschonken door de laatste particuliere eigenaar met de verplichting de objecten bij het huis te behouden. De problematiek van het beheer en behoud van collectie op verhuurde huizen is een onderwerp van bijzondere zorg. Zoals housekeeping op de opengestelde kastelen is ingebed in de organisatie, wordt dat voor deze huizen ook nagestreefd. 

BAC-leden waren en zijn betrokken bij de evaluaties van het terreinbeheer. In 2017 zijn enkele lopende evaluaties afgerond, maar geen nieuwe meer uitgevoerd omdat er prioriteit is gegeven aan nieuwe beheervisies. De BAC heeft input gegeven op het concept-verslag van de evaluatie Vorden/Kieftskamp. In 2018 zal de BAC weer betrokken worden bij de afronding van enkele evaluaties.

Vanuit de Commissie is verder aandacht gevraagd voor recent verschenen publicaties en symposia die voor GLK relevant kunnen zijn zoals:

  • het boek Agrarisch Natuurbeheer. Principes, resultaten en perspectieven, Wageningen Academic Publishers, geredigeerd door G.R. de Snoo, Th.C.P. Melman, F.M. Brouwer, W.J. van der Weijdenand en H.A. Udo de Haes. Aan dit boek hebben meer dan 40 auteurs meegewerkt. Het geeft een breed overzicht van agrarisch natuurbeheer in Nederland en behandelt de ecologische aspecten, de functies van biodiversiteit voor de landbouw en de perspectieven voor natuur in het boerenland;
  • een symposium en een publicatie over het werk van Zocher.
    Korneel et al. ‘Zogher, de fameuze aanlegger’ (citaat uit brief van Jkv. W.C.P. de Jonge van Ellemeet, 1839) Kwaliteitsimpuls Zocherparken in de Landgoederenzone Zuid-Holland, Handreiking bij het beheer en herstel. Het boek behandelt Zuid-Holland maar is landelijk toepasbaar;
  • het onderzoek op de Heerlijkheid Beek waaruit blijkt dat het grondwater sterk is verontreinigd. De bossen filteren veel stikstof uit de lucht en door depositie leidt dit tot voedselverrijking van bodem en grondwater waardoor de vegetatie verruigt. Helaas lijkt een verbetering van de grondwaterkwaliteit niet mogelijk en het advies is dan ook om de dikke laag organisch materiaal rijke modder regelmatig af te voeren;
  • uit tussentijdse resultaten van herhalingsonderzoek van Roelofs naar het voorkomen van waterplanten in relatie tot de waterkwaliteit blijkt dat veel zeldzame waterplanten het weer heel goed doen. Ze zijn minder zeldzaam geworden. De waterkwaliteit lijkt in natuurgebieden te zijn verbeterd;
  • er wordt nader onderzoek gedaan naar de hydrologie van het Beerzerveld (Landschap Overijssel). Nico Willemse is hierbij betrokken;
  • er is een boek verschenen over het leven en werk van Mien Ruys, met als auteur Leo den Dulk;
  • productie van Cultuurhistorische waardenkaarten voor Lochem en Epe;
  • het boek ‘Onze vroegste voorouders’, over de geschiedenis van Nederland in de steentijd met als auteur Leendert Louwe Kooijmans;
  • de archeologische vondst van een overslibde grafheuvel in Tiel die meer duidelijkheid geeft over de vroege bewoning van de Betuwe;
  • Leendert Louwe Kooijmans onderzoekt de grafheuvels van Warnsborn;
  • het boek van Simon Klingen ’12 boslessen’;
  • de lezing van Rienk Jan Bijlsma waarin hij aangeeft dat voor het maken van keuzes in het natuurbeheer het van groot belang is om eerst een goede analyse te maken van het abiotische systeem en van het historisch gebruik;
  • het artikel: J. Sevink, A.A.M. Kieskamp, N.W. Willemse, A.T.W. Eysink & A.J.M. Jansen, 2017. Beerzerveld: implicaties van landschapsgeschiedenis voor herstel en beheer. De Levende Natuur;
  • Joop Schaminée, Anton Stortelder en Eddy Weeda, 2017. Revisie Vegetatie van Nederland, een herziening van het standaardwerk De Vegetatie van Nederland van de jaren negentig van de vorige eeuw;
  • Nils Marten van Rooijen Effects of plant diversity on the stability of natural grassland ecosystem functioning. Dissertatie Wageningen Universiteit;
  • onderzoek Jan Roelofs: klimaatverandering versterkt de alkalinisatie waardoor bepaalde zachtwater-plantengemeenschappen afnemen. Dit betekent dat je moet oppassen met vernattingsmaatregelen: niet te veel en niet te snel;
  • in het Wisselse Veen blijkt het opbrengen van maaisel van blauwgrasland tot zeer positieve ontwikkelingen te leiden;
  • Ronald van Immerseel werkt aan een project waarbij wordt onderzocht hoe groene cultuurhistorie in steden kan worden ingezet om problemen als wateroverlast op te lossen. O.a. de Catharijnesingel in Utrecht wordt nader bekeken;
  • een ander project onderzoekt de consequenties van bodemdaling in binnensteden op waardevolle gebouwen;
  • tijdens het symposium van de Heimans en Thijssestichting ‘Bloemrijk of Gifgroen’, kwam de desastreuse invloed van de intensieve landbouw op (weide)vogels aan de orde. GLK onderzoekt of in het GLK-landbouwbeleid een versnelling gerealiseerd kan worden naar meer duurzaamheid. GLK zoekt samenwerking met andere partijen die zoals de waterschappen steeds meer systeemgericht denken.

Dit jaar is de samenstelling van de commissie uitgebreid met de heer prof.dr. Johan B.H. de Haan.

Overzicht van de leden van de commissie ultimo 2017 

  • prof. dr. K.V. (Karlè) Sýkora (voorzitter), emeritus hoogleraar Ecologische Inrichting en beheer van Infrastructuur aan de Universiteit Wageningen, leerstoelgroep Natuurbeheer en Plantenecologie, bioloog/vegetatie-ecoloog met veel natuurbeheergericht onderzoek.
  • ir. A. (Ank) Bleeker, tuin- en landschapsarchitect. Partner in bureau Ank Bleeker en Anneke Nauta landschapsarchitecten BNT te Bennekom. Werkt regelmatig aan het herstel van historische tuinen, parken en buitenplaatsen maar ook aan nieuwe ontwikkelingen in stad en landelijk gebied.
  • dr. K.J. (Kees) Canters, bioloog / milieukundige, zoogdierenman, uiteenlopende bestuursfuncties (groen / sociaal), adviseur natuur en landschap, redacteur en onderzoeker.
  • prof. dr. J.B.H. (Johan) de Haan, hoofdconservator Paleis Het Loo, na verbonden te zijn geweest aan het bureau van de Rijksbouwmeester. Bezette drie jaar de leerstoel Toegepaste kunsten en kunstnijverheid vanwege de Ottema-Kingma Stichting (OKS) aan de Radboud Universiteit te Nijmegen met als onderzoeksthema het Friese interieur.
  • drs. R.H.M. (Ronald) van Immerseel, historicus / groen erfgoedspecialist, directeur Stichting In Arcadië, auteur landelijke richtlijnen Tuinhistorisch onderzoek (2012), lid van diverse besturen op het gebied van buitenplaatsen en kastelen.
  • ir. L.J. (Luuk) Keunen, historisch geograaf, senior projectleider historische geografie bij RAAP Archeologisch Adviesbureau, regio Oost-Nederland, en landelijk coördinator van het cultuurhistorisch onderzoek binnen RAAP.
  • prof. dr. L.P. (Leendert) Louw Kooijmans, wonende te Eerbeek, fysisch geograaf en prehistoricus, emeritus hoogleraar prehistorie Universiteit Leiden, oud-decaan Faculteit der Archeologie, speciale interesse voor de perioden Meso- en Neolithicum.
  • prof. dr. ir. G.M.J. (Frits) Mohren, hoogleraar Bosecologie en Bosbeheer, hoofd van de leerstoelgroep Bosecologie en Bosbeheer van Wageningen Universiteit. Daarnaast o.a. voorzitter Koninklijke Nederlandse Bosbouw Vereniging en lid van diverse Nederlandse en Europese besturen en wetenschappelijke adviesraden op gebied van bosbouw en bosbeheer.
  • prof. dr. J.G.M. (Jan) Roelofs, emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hoofd van de afdeling Aquatische Ecologie en Milieubiologie. Leeropdracht Bio-geochemie van Wetlands.
  • dr. A.H.F. (Anton) Stortelder, landschapsecoloog, senior-onderzoeker bij Alterra, o.a. lid van het dagelijks bestuur van de Stichting Staring Advies.
  • dr. N.W. (Nico) Willemse, kwartair geoloog / archeoloog met een specifieke belangstelling voor de relatie landschapsdynamiek, natuurontwikkeling en archeologie. In 2000 gepromoveerd op het thema ‘natuurhistorische archieven’. Teamleider ‘bureau en beleid’ bij RAAP Archeologisch Adviesbureau en werkzaam als senior-onderzoeker Fysische Geografie en Archeologie.